De pittige Marine-Trainersopleiding

 

Na de gebruikelijke strenge toetsing voor trainersopleidingen verleende de NOBTRA in 2016 de interne trainersopleiding van de Marine een NOBTRA-erkenning. Is het toeval dat in hetzelfde jaar uit die gelederen de NOBTRA-Trainer van het Jaar werd verkozen? Retorische vraag of niet, Jacob van der Meulen beantwoordt graag onze prangende vragen over competenties, de benodigde praktijkervaring en maatwerk-methodiek voor aankomende trainers.

 

Intensief opleidingstraject tot trainer

De Marine heeft voor de trainers-in-opleiding, TIO’s, een duidelijk competentieprofiel opgesteld. “Een trainer moet zich kwetsbaar kunnen opstellen, zodat hij of zij binnen de kortst mogelijke tijd een veilige leeromgeving weet te creëren”, vertelt Jacob. De deelnemers trainen telkens twee tot zes weken achter elkaar. “Hierdoor kunnen we heel diep op hun gedragingen ingaan. Deelnemers en trainers geven zichzelf echt bloot en die kwetsbaarheid moet de trainer durven en kunnen managen.”

In het opleidingstraject krijgen de TIO’s theorieën aangeboden die ze tijdens de trainingen moeten kunnen toepassen. Jacob: “Zodra het gedrag zich voordoet, dus in het hier en nu, moeten ze er meteen de theorie aan kunnen koppelen. Van de trainer verwachten we dat hij of zij elke stap in de training bewust zet. Telkens moet hij of zij reflecteren op zijn of haar eigen ingezette gedrag.” Tijdens de opleiding is daar veel aandacht voor: de te behandelen theorieën moeten ze kunnen koppelen aan praktijkvoorbeelden, het liefst voorzien van een eigen anekdote.

Behalve naar de gedragingen, kijken de opleiders ook naar een aantal competenties: Analyse, Communicatie, Initiatief, Integriteit, Leervermogen, Mensgerichtheid, Ontwikkeling van medewerkers, Samenwerking en Verantwoordelijkheid.

TIO’s maken honderden vlieguren

In vergelijking met de meeste trainersopleidingen maken de TIO’s enorm veel vlieguren. Na meerdere gesprekken en een assessment volgen minstens twee co-trainerschappen. Zo’n co-trainerschap bestaat uit zes weken dagelijks meelopen met een senior-trainer. Jacob maakt duidelijk dat het gaat om maatwerk: “Aan de hand van een sollicitatiegesprek, proefles en assessment krijgen we van de TIO een eerste beeld. Wat zijn specifieke competenties, waar zitten de hiaten en wat zijn de leerwensen? Zo krijgen we een idee van wat de TIO nodig heeft en wie dan de beste begeleider is.” Met ‘begeleider’ blijkt Jacob een heel team te bedoelen: een vaste coach, een vaste mentor en wisselende senior-trainers als begeleider.

            De TIO werkt eerst aan zelfkennis, kennis van zijn of haar eigen persoonlijkheid, competenties en kwaliteiten. Leidend is de vraag: ‘Wat heb ik als trainer al in huis en wat heb ik nog nodig?’ Tijdens dit gedeelte treden een senior-trainer en de coach op als begeleider. De volgende fase in het opleidingstraject is ‘groeien als trainer’: het aanleren van alle theorieën, didactische en trainersvaardigheden. Dit gebeurt tijdens trainingen aan collega’s, in oefentrainingen aan echte groepen en echte trainingen aan jonge deelnemers. Een senior-trainer begeleidt deze fase en de coach en mentor spreken iedere stap met de TIO en de begeleider door. Daarna volgt de fase van de duo-trainingen. In deze duo-trainingen zit een opbouw: eerst de kunst afkijken van de senior, daarna zelf een deel van de training geven en tenslotte de training volledig zelfstandig verzorgen.

            Iedere stap duurt twee tot zes weken. Jacob: “Steeds meer kijken we of de TIO de processen herkent en de trainersvaardigheden effectief inzet. De hele cyclus treden verschillende senior-trainers op als begeleider. Op die manier geven we de TIO meerdere invalshoeken mee.” De TIO sluit het opleidingstraject af met een examen: de volledig zelfstandig verzorgde training.

Werkboek van A tot Z in de praktijk getoetst

Tijdens de praktijkweken slapen de TIO’s bij wijze van spreken met hun werkboek onder hun kussen. Auteur van dit werkboek voor interne trainers is Jacob. “Dit werkboek helpt hen te reflecteren op drie thema’s volgens een aantal leertaken. Het eerste thema is ‘Ken uzelf’, het tweede ‘Groeien als trainer’ en tot slot ‘Assesorvaardigheden’.” Het einde van het werkboek valt samen met het afsluitende examen.

In TvOO juni 2017 schreef Jacob een Trainerstool over feedback en hoe daarvoor een MT dapper in de spiegel keek.